(2008) Hollands Glorie

Ik vind mijn werk over het algemeen heel leuk, maar sommige opdrachten zijn een waar buitenkansje. Ze zijn bijzonder in de zin dat ik me in één klap rijker voel. Afijn, waar ik het over heb is de opnieuw ingetypte versie van Hollands Glorie die ik mocht corrigeren. Jawel, het boek van Jan de Hartog, alweer bijna zeventig jaar geleden geschreven. Ik vond het boek minstens zo mooi als mijn all time favorite Moby Dick, en zeker leesbaarder en ontroerender.

Enkele weken nadat ik de correctie had afgerond en het boek dus in z'n geheel had gelezen ben ik het schip de Furie, dat in Maassluis ligt, gaan bekijken. De Furie is gebruikt voor de verfilming van Hartogs boek. Het ligt daar voor iedereen zichtbaar in het water. Ik heb een zeer uitgebreide privérondleiding gekregen en veel vragen kunnen stellen. Mijn enige kanttekening bij de uitleg van de gids was dat hij zijn verhaal in het heden liet leven (er werd af en toe nog met het schip gevaren) terwijl ik refereerde aan het verleden (ik had de bemanning op volle zee begin vorige eeuw uit het boek in gedachten). Maar heel erg was dit niet, want na elke uitleg vroeg ik: 'En hoe ging dat dan vroeger?' Waarop ik soms wel, soms geen antwoord kreeg.

Ik kwam boeiende dingen te weten. Zo had ik er geen idee van dat een stoomboot wordt voortbewogen door de stoom van... water! Het is het water dat zo heet wordt gestookt (met olie, of heel vroeger kolen, dus) dat er stoom ontstaat. De stoom condenseert vervolgens weer tot water, waardoor het eindeloos kan worden hergebruikt (hoewel er ook wel stoom ontsnapt, bijvoorbeeld als er aan de stoomfluit wordt getrokken).

Overigens zijn er niet veel stokers meer want het beroep is uitstervende. De huidige stoker van de Furie, die tachtig jaar is, houdt er binnenkort mee op en draagt het werk over aan zijn veertigjarige opvolger, die hij het vak heeft geleerd. Het is niet erg aantrekkelijk om stoker te zijn want tijdens het werken bevind je je in een gloeiend hete ruimte, waarin je niet langer dan een minuut of twintig achter elkaar kunt verblijven ('hoeveel graden wordt het er dan?' vroeg ik. 'Dat weet ik niet precies, misschien eehhhh, veertig,' antwoordde de gids).

Het bevreemdde me daar op dat oude schip in de haven van Maassluis dat ik, hoezeer ik ook mijn best deed, me niet één moment het schip op een stampende zee kon voorstellen, met een zeezieke marconist en een eveneens zeeziek aapje Frits, bijvoorbeeld.*

* (Uit: Hollands Glorie, hoofdstuk XXV) 'Die goeie Frits, onuitputtelijke bron van genot op elk uur van de dag of de nacht; wàt hij ook doet, het is altijd gek. Zelfs als het, ter hoogte van Porto Allegro, gaat stormen, zorgt Frits voor vrolijkheid, want hij wordt zeeziek. Nu is een zeezieke aap op zichzelf al iets vermakelijks; maar wanneer hij, in al zijn rampzaligheid, bovendien nog den marconist na gaat doen, die ook zeeziek is, dan wordt het schouwspel een feest. Wanneer de marconist reutelend over de reling hangt, doet Frits het over de emmer, en als de man de handen aan de keel slaat, wankel heen en weer struikelend over het dek, kan Frits het niet laten iedere beweging na te apen, al ziet hij zelf groen en geel van ellende. De mannen slaan zich brullend op de dijen van plezier, leunen snikkend tegen de muur; hun gelach overstemt het bruisen van de golven, die grauw en tandig aan komen stuiven, angstaanjagende gevaarten met een woeste kam van wit. Dat belooft een ruige dans te worden, met het hoge, deinzende dok; maar de trossen zijn al uren van tevoren dubbel verzekerd en van stoppers voorzien, en ook verder ligt alles klaar voor het gevecht. De mannen maken zich geen zorgen over het komende rondje met de elementen; ze hebben dikwijls genoeg langs de hemel gezwierd in hun dolgeranselde notedop, om te weten dat iedereen in Gods hand is; Hij plukt je niet eerder dan dat je rijp bent.'

Voor wie nieuwsgierig is geworden: hier kun je het volledige boek downloaden. Ik raad de lezer trouwens sterk aan niet vooraf de achterflap van het echte boek te lezen: daarop worden namelijk een paar voor het verhaal belangrijke feiten verraden. Gelukkig las ik de achterflap zelf pas toen ik al over de helft was, maar werd desalniettemin met terugwerkende kracht boos en verontwaardigd over deze voor de argeloze lezer lompe actie. Ik heb er een opmerking over gemaakt naar mijn opdrachtgever, in de hoop dat de achterflaptekst voor de nieuwe druk wordt aangepast. Volgens mij is het verraden van belangrijke gebeurtenissen in een boek of film tegenwoordig toch echt not done, en terecht.

Nawoord: De uitgever gaf mij gelijk waar het ging om het ‘verraad’ op de achterflap en vroeg me een nieuwe tekst te schrijven ("veel lezers zullen je dankbaar zijn"). Inmiddels is mijn achterflaptekst overgenomen, maar het stuk over de Tweede Wereldoorlog is door de uitgeverij toegevoegd.
naar boven