Gesprekken met Hitler

Dat Hitler vegetariër was, was mij bekend. Dat hij dit geworden was onder invloed van Wagner, wist ik niet. Hij was vegetariër niet alleen vanwege het gezondheidsaspect maar ook omdat hij van mening was dat in vlees-eten alle kwaad besloten lag, als ik dit goed verwoord want ik kan de desbetreffende passage niet meer terugvinden. Ook het volgende is te lezen in Gesprekken met Hitler van Hermann Rauschning, oorspronkelijk verschenen in 1940:

'Ogenschijnlijk was Hitler een heel wilskrachtig[e] persoon, maar die schijn bedriegt. In de grond van zijn wezen was hij slap, apathisch en had hij sterke zenuwprikkelingen nodig om zich te heffen uit een chronische lethargie en tot krampachtige wilsimpulsen te komen.'

... en nu kom ik toch op de passage over Hitlers vegetariërschap:

'... Er kwam zoveel cultureel verval uit de onderbuik voort: chronische constipatie, vergiftiging van de sappen, roes. Hij onthield zich van vlees, alcohol en dat smerige roken – niet alleen om gezondheidsredenen, maar [ook] uit innerlijke overtuiging.'

Ergens staat dat Hitler niet werd toegelaten tot de architechten-school. Ikzelf weet niet beter of hij werd tot tweemaal toe afgewezen voor de kunstacademie. Op twee internetsites is dit bevestigd: zijn tekeningen waren niet goed genoeg om kunst-schilder te worden. Heb een opmerking toegevoegd; zal in het uiteindelijk boek nakijken of er nog iets mee is gedaan...

Verder interessant om te lezen:

'Wie Hitler voor zich heeft gezien met die flikkerende ogen zonder diepte of warmte, ogen die achter hun harde glans wel vergren-deld, zonder achtergrond leken, wie zijn ogen het moment daarop ineens zagen verstarren, die moest wel het gevoel krijgen: deze man is niet normaal.'

en

'Hysterie is aanstekelijk. Wie ooit heeft gezien hoe volstrekt normale prachtkerels door samen te leven met hysterische vrouwen langzaam maar zeker hun karakter verliezen, die zal zich er niet over verwonderen dat de hysterie via de hoge rijksleiders, gouwleiders, beambten, officieren op een heel volk overgaat.'

Uiterlijk wordt hij zo beschreven:

'Een wijkend, zeer lelijk voorhoofd, in slierten over het voorhoofd vallend; kleine, onbeduidende gestalte; de ledematen schijnen verkeerd aangezet, onhandig; te groote platvoeten en een afschuwelijke neus, een weinigzeggende mond en het borstelige snorretje; alles bij elkaar door moeder natuur stiefmoederlijk bedeeld mensch...'

En zijn stem aldus:

'De klank is vol maar geknepen, alsof zijn neus verstopt zit. Inmiddels is deze krijsende, gorgelende, dreigende, razende stem in de gehele wereld bekend. Zij belichaamt het leed van deze jaren.'

Het boek is oorspronkelijk vertaald door Menno ter Braak, die in 1940, op de dag of de vooravond [hier spreken bronnen zich tegen] van capitulatie, zelfmoord pleegde.
naar boven