De stem uit Delphi

Mijn hoofd zit vol en ik krijg 'm niet leeg. Zal proberen er uit te plukken wat zich het dichtst aan de oppervlakte van die samengeperste bal gedachten en data bevindt. Zoals mijn zojuist gecorrigeerde boek De stem uit Delphi, waarin alle grote denkers (gek/gestoord/geniaal) aan bod komen. Wel heel interessant, te lezen over de levens (in vogelvlucht) van: Alan Turing (wiskundige, excentriek, pleegt zelfmoord door het eten van een met cyanide vergiftigde appel), Socrates (adembenemend lelijk, veroordeeld tot de gifbeker), Rembrandt (die eindigde als een eenzame, door zichzelf geobsedeerde mislukking, althans zo zag hij zichzelf), Jean-Jacques Rousseau (was waanzinnig toen hij stierf en het is maar de vraag of hij ooit gezond van geest was), Markies De Sade (de losbandige bloedverwant van het koninklijk huis van Condé, een monster dat van de ene cel in de andere kerker of krankzinnigengesticht werd gegooid maar er desalniettemin in slaagde in de Bastille papiertjes vol te krabbelen met zijn Les 120 Journées de Sodome), Immanuel Kant (het tegenovergestelde van De Sade, een man die een obsessief geregeld leven leidde waarbij hij elke dag om exact 04.55 uur opstond en op de minuut af om 15.30 uur een wandeling ging maken en in zijn 80-jarige leven nooit de provinciestad waar hij woonde verliet). En dit is nog maar het topje van de ijsberg.